Na 24 jaar brandweer en jarenlang BHV-trainingen geven, heb ik één ding keer op keer gezien: bedrijven trainen hun BHV'ers netjes, halen hun certificaat op, en oefenen daarna... nooit meer. Het certificaat hangt aan de muur, de kennis verdwijnt langzaam en iedereen gaat verder met de dag van alledag.
Tot er iets misgaat. Dan pas blijkt dat de theorie van de training niet automatisch leidt tot handelen onder druk.
Er circuleert al jaren een misverstand dat één ontruimingsoefening per jaar voldoende is. Ergens is er ooit een document verschenen met de zin "één keer per jaar is een goede richtlijn", en die zin heeft een eigen leven gekregen. Iedereen herhaalt hem, niemand vraagt zich af waar hij vandaan komt.
De wet schrijft geen exact aantal voor. Wat de wet wel zegt: uw BHV-team moet aantoonbaar bekwaam zijn. Hoe vaak je daarvoor moet oefenen, hangt af van uw situatie. Een bouwplaats vraagt om een andere aanpak dan een kantoor. Een verpleeghuis heeft andere risico's dan een bakkerij.
De juiste vraag is niet: "Hoe weinig kunnen we ermee wegkomen?" maar "Hoe zorgen we dat ons team écht weet wat het doet als het erop aankomt?"
Veel bedrijven denken bij BHV-oefeningen automatisch aan een grote ontruiming. Iedereen naar buiten, hoofden tellen, terug naar binnen. Klaar. Maar BHV omvat veel meer: eerste hulp verlenen, reanimeren, brand bestrijden, alarmeren, communiceren. Al die onderdelen roesten in als je ze niet oefent.
Een BHV'er die eens per jaar zijn certificaat haalt maar nooit oefent, is als een automobilist die zijn rijbewijs heeft gehaald maar sindsdien alleen op de parkeerplaats heeft gereden. Technisch bevoegd. Praktisch niet klaar.
De meest gehoorde redenen ken ik inmiddels uit mijn hoofd. "Het kost te veel tijd." "We willen het primaire proces niet verstoren." "Onze mensen zien er als een berg tegenop." En, de eerlijkste van allemaal: "We weten niet goed hoe we het moeten organiseren."
Die laatste reden snap ik. Een goede oefening opzetten, uitvoeren én evalueren kost voorbereiding. En hoofden BHV hebben al genoeg op hun bordje. Maar de oplossing is niet stoppen met oefenen, de oplossing is het slimmer aanpakken.
1. Klein beginnen. Een oefening hoeft niet groot en ingewikkeld te zijn. Begin met een proceduretabel: wie belt 112, wie pakt de AED, wie begeleidt bezoekers? Dat kost een halfuur en leert u al veel over wat uw team wel en niet weet.
2. Bouw de moeilijkheidsgraad op. Eerst procedures doorspreken. Dan één kamer oefenen. Dan een vleugel. Zo raakt uw team gewend aan oefenen zonder dat het meteen een grote productie is.
3. Houd scenario's realistisch. De kans dat er tegelijkertijd een brand, een reanimatie én een gewonde zijn is nagenoeg nul. Oefen op wat er in uw bedrijf echt kan gebeuren. Dat is geloofwaardiger, en uw mensen leren er meer van.
4. Vraag hulp. U hoeft het niet alleen te organiseren. Een externe instructeur neemt de voorbereiding, uitvoering én evaluatie van uw handen. Zo hoeft u er zelf nauwelijks tijd in te steken en weet u dat het goed gebeurt.
Oefenen hoeft niet groot, ingewikkeld of tijdrovend te zijn. Kleine, regelmatige oefeningen zijn beter dan één grote oefening per jaar waar iedereen een hekel aan heeft. En als u niet weet hoe u moet beginnen, dan bent u bij ons aan het juiste adres.
Ik kom langs, organiseer de oefening en zorg dat uw mensen er echt iets van opsteken.
Vraag een offerte aan